Minder administratieve lasten door iWlz 2.0?

1 april 2018 ging iWlz 1.2 over naar iWlz 2.0. Een half jaar na deze big bang (zie vorig artikel: De Big Bang), is het stof neergedaald en maken we de balans op. De nieuwe berichtenstandaard zou zorgen voor minder administratieve lasten, maar wordt dit ook zo ervaren door zorgaanbieders? We spraken verschillende betrokkenen in het werkveld en over één ding lijkt iedereen het eens, iWlz 2.0 is wennen!

Zorgaanbieders sturen minder berichten

Het grote voordeel van de nieuwe standaard is dat er door zorgaanbieders minder berichten gestuurd hoeven te worden. Een Meldig Einde Zorg (MEZ) is niet meer nodig als een zorgtoewijzing een einddatum heeft en de zorg op dat moment stopt. Het is minder vaak nodig om een nieuwe Aanvraag Aangepaste Toewijzing (AAT) aan te leveren, omdat niet meer in functies en klassen wordt toegewezen. Zo lang de geleverde zorg binnen het toegewezen percentage van het ZZP past, is een nieuwe  AAT niet nodig. Ook is het niet meer altijd nodig om een Melding Aanvang Zorg (MAZ) te sturen op een zorgtoewijzing. Zo lang de sleutelvelden van een zorgtoewijzing gelijk blijven (ZZP-code, leveringsvorm en AGB-code) en een cliënt al in zorg is gemeld, is een nieuwe MAZ niet nodig.

Vertaling nodig van percentages naar uur

Minder berichten dus, maar leidt dit ook tot minder administratie? Niet elke zorgaanbieder ervaart iWlz 2.0 op die manier. Doodat zorgtoewijzingen in percentages worden afgegeven, moet er continue een vertaalslag worden gemaakt naar het aantal uur zorg dat ingezet mag worden. Wist elke medewerker zorgadministratie voorheen waarschijnlijk uit het hoofd dat klasse 1 stond voor maximaal 1:59 uur per week, nu is een rekenmodule nodig om de vertaling van percentages naar uren te maken.

Ook is het berichtenverkeer er niet rustiger op geworden. Ondanks dat er door zorgaanbieders minder berichten verstuurd hoeven te worden, komen er wel meer berichten bij zorgaanbieders binnen. De meeste van deze berichten worden ter kennisneming gestuurd, bijvoorbeeld als de toegewezen percentages op een andere manier over de betrokken zorgaanbieders wordt verdeeld. Dit vraagt soms om wat gepuzzel, omdat niet altijd in één oogopslag te zien is, dat dit de reden is dat een bericht binnenkomt. Wel is hierdoor beter inzichtelijk welke zorgaanbieders bij een cliënt betrokken zijn en dat wordt juist als voordeel ervaren.

Introductie Coördinator Zorg Thuis

Een ander punt dat zowel voor- als nadelen kent, is de introductie van de Coördinator Zorg Thuis. Niet de dossierhouder is automatisch verantwoordelijk voor het regelen van de zorgtoewijzing voor de overbruggingszorg. Een andere zorgaanbieder, die betrokken is bij de zorg in de thuissituatie, kan Coördinator Zorg Thuis zijn. Dit wordt meegegeven in het bericht. Een nadeel is dat dit een extra administratieve handeling is. Het voordeel is dat de betrokken zorgaanbieder in de thuissituatie zelf de juiste zorgwijzing aan kan vragen en niet meer afhankelijk is van de dossierhouder.

Voor- en nadelen

We kunnen concluderen dat iWlz 2.0 voor- en nadelen kent. Minder berichten in de keten, maar niet zo zeer minder werk voor de administratief medewerkers van zorgaanbieders. Ervaring leert dat we ook deze nieuwe standaard weer eigen zullen maken en dat straks niemand meer bij een zorginzet van 3:59 uur/week denkt aan klasse 2.

Een belangrijke tip die we hierbij mee kunnen geven, trek in dit proces zoveel mogelijk samen op met andere zorgaanbieders. Denk gezamenlijk na over oplossingen en stel de cliënt hierbij centraal.

Kunt u nog ondersteuning gebruiken bij de overgang van iWlz 1.2 naar iWlz 2.0? Cure4 heeft consultants in dienst met ruime ervaring met het berichtenverkeer. Neem gerust contact met ons op en informeer naar de mogelijkheden.

Ik wil meer weten!

Jantine Vos

Consultant Care

Jantine Vos

Functioneel Applicatiebeheerder

©2021 Cure4 |

Cure4 is onderdeel van Tenzinger B.V. | Disclaimer
Contact