Stopgezette (ver)nieuwbouwprojecten

De Kennisgroep van de Belastingdienst heeft het standpunt ingenomen dat de btw die betrekking heeft op alle stopgezette (ver)nieuwbouwprojecten kan worden teruggevraagd. 

De kennisgroep heeft dit standpunt ook ingenomen indien voor (ver)nieuwbouwprojecten zou worden afgezien van de integratieheffing op grond van (de overgangsregeling van) Mededeling 26 en de betreffende instelling om deze reden de btw op de kosten niet in aftrek heeft gebracht.

In het kader van het bovengenoemde standpunt raden wij u aan om in kaart te brengen voor welke stopgezette projecten de btw op de gemaakte kosten nog niet is teruggevraagd en een ambtshalve teruggaafverzoek in te (laten) dienen voor de btw die aan de instelling in rekening is gebracht dan wel ingevolge de btw-verleggingsregeling op aangifte is voldaan. Vanzelfsprekend kunnen wij u hierbij assisteren.

Voor (ver)nieuwbouwprojecten die niet zijn stopgezet maar bijvoorbeeld als gevolg van een onvoorziene bouwvertraging op of na 1 januari 2014 in gebruik worden genomen, is het volgende van belang. Door de ingebruikneming na 1 januari 2014 kan niet worden afgezien van de integratieheffing op grond van de overgangsregeling van Mededeling 26.

De vraag komt dan op of de btw uit oude jaren alsnog kan worden teruggevraagd, bijvoorbeeld omdat de termijn voor de teruggaaf van 5 jaar (‘ambtshalve teruggaaf’) is verlopen. Voor de nog niet teruggevraagde btw op kosten waarover een integratieheffing wordt aangegeven, geldt dat de btw alsnog kan worden teruggevraagd op het moment van de ingebruikneming (herrekening). Voor de herrekening geldt de ambtshalve termijn van vijf jaar niet. Dus ook de btw welke in ‘oudere jaren’ dan de vijf meest recente jaren in rekening is gebracht, kan op het moment van de ingebruikneming worden teruggevraagd.

De kennisgroep heeft een aantal casusposities beschreven.

Casus 1
Een instelling realiseert nieuwbouw. Zij doet terecht een beroep op mededeling 26 (afzien van de integratieheffing) door de omzetbelasting die aan haar in rekening is gebracht ter zake van het realiseren van de nieuwbouw, niet in aftrek te brengen. De oplevering van de nieuwbouw is echter voorzien na 31-12-2013. Hierdoor mist de overgangsregeling toepassing en is de oplevering van de onroerende zaak een belaste integratielevering.

Vraag
Kan de instelling die destijds een beroep deed op Mededeling 26 de nog niet in aftrek gebrachte voorbelasting alsnog in aftrek brengen als zij niet meer aan de voorwaarde voor de overgangsregeling voldoet, en zo ja op welk(e) tijdstip(pen)?

Antwoord
Ja, de instelling van casus 1 die destijds een beroep deed op Mededeling 26 kan de nog niet in aftrek gebrachte voorbelasting op de nog niet verbruikte prestaties alsnog in aftrek brengen als zij niet meer voldoet aan de voorwaarde van de overgangsregeling. Deze aftrek vindt plaats in het tijdvak waarin de belaste integratieheffing plaatsvindt.
Uiteraard komt de omzetbelasting die in rekening wordt gebracht nadat gebleken is dat niet aan de voorwaarde van mededeling 26 zal worden voldaan, voor aftrek in aanmerking in het tijdvak waarin deze belasting in rekening is gebracht.

Casus 2
Een instelling heeft het voornemen nieuwbouw te realiseren. Zij heeft de voorbelasting ter zake van het realiseren van de nieuwbouw wel in aftrek gebracht. De instelling heeft gekozen voor een belaste integratielevering bij de toekomstige oplevering. Naar nu blijkt wordt het nieuwbouwproject afgeblazen en zal er dus géén integratieheffing plaatsvinden.

Vraag
Moet de door de instelling reeds in aftrek gebrachte voorbelasting worden herzien als blijkt dat het project niet gerealiseerd wordt, zo ja op welk(e) tijdstip(pen)?

Antwoord
Nee, de door de instelling van casus 2 reeds in aftrek gebrachte voorbelasting moet niet herzien worden als blijkt dat het project niet gerealiseerd wordt. Slechts indien en op het moment dat de betreffende prestaties daadwerkelijk worden gebruikt voor een andere bestemming waarvoor geen recht op aftrek bestaat is herziening mogelijk.

Casus 3
Een instelling heeft het voornemen nieuwbouw te realiseren. Zij doet terecht een beroep op mededeling 26 (afzien integratieheffing) door de omzetbelasting die aan haar in rekening is gebracht ter zake van het realiseren van de nieuwbouw, niet in aftrek te brengen. Naar nu blijkt wordt het nieuwbouwproject afgeblazen.

Vraag
Kan de instelling de voorbelasting die zij ten gevolge van het door haar gedane beroep op Mededeling 26 niet in aftrek heeft gebracht, alsnog in aftrek brengen als blijkt dat het project niet gerealiseerd wordt, zo ja op welk(e) tijdstip(pen)?

Antwoorden
Ja, de instelling van casus 3 kan de voorbelasting die zij ten gevolge van het door haar gedane beroep op Mededeling 26 niet in aftrek heeft gebracht, alsnog in aftrek brengen als het project niet gerealiseerd wordt. Er is geen sprake van een herzieningsmoment, maar de aftrek kan gerealiseerd worden met in achtneming van de regels voor ambtshalve teruggaaf van de destijds niet in aftrek gebrachte btw.

De mogelijke gevolgen voor uw organisatie

Wij kunnen ons voorstellen dat er situaties bestaan die hier weliswaar veel op lijken, maar niet exact hetzelfde zijn. Neemt u in dat geval contact met Verder Fiscaal op, zij bekijken uw specifieke situatie en de mogelijkheden graag samen met u. U kunt Verder Fiscaal bereken via de onderstaande contactinformatie of via de website: www.verderfiscaal.nl

Verder Fiscaal Specialisten BV:

Telefoon: 030-2080060

David Harreman: d.harreman@verderfiscaal.nl of 06-51208554

Jan-Marc van Beusekom: jm.vanbeusekom@verderfiscaal.nl of 06-42800839

Jos van Bavel: j.vanbavel@verderfiscaal.nl of 06-30728792

©2018 Cure4 |

Nieuwsbrief | Disclaimer | Privacy Statement
Contact